Jong en meer dan bereid om te werken (Volkskrant, 05-11-2014)

Vinden jongeren zo moeilijk werk omdat ze zich blindstaren op hun droombaan? Experts laten weinig heel van dat beeld. ‘Er is niets mis met hun mentaliteit.’

Bijna 14 procent van de jongeren tussen de 15 en 25 jaar zit werkloos thuis. Het ontbreekt ze regelmatig aan realiteitszin, zegt Mirjam Sterk. De ‘ambassadeur aanpak jeugdwerkloosheid’ roept jongeren op kritisch te kijken naar de eigen houding. Ook een baan onder je niveau biedt kansen, vindt Sterk. Zijn jonge werkzoekenden werkelijk zo veeleisend?

Vers uit de schoolbanken, maar nog geen werk: de moderne jeugd regelt het wel vanuit de luie stoel. Moeder reikt nog een glaasje prik aan, terwijl de lieftallige zoon of dochter een berichtje plaatst op Facebook: ‘Ik zoek werk. Wie helpt?’

De door het kabinet aangestelde ambassadeur Sterk schroomt niet om te wijzen op de eigen verantwoordelijkheid van jongeren. De verwachtingen die ze hebben van een eerste baan komen geregeld niet overeen met de realiteit. Jongeren laten zich volgens haar te veel leiden door die beoogde droombaan. Een baan die wel beschikbaar is past misschien niet bij je studie, maar je leert wel wat werken is, aldus de ambassadeur.

Sterk deed haar uitspraken toen zij samenmetRandstadderesultaten presenteerde van het project Jeugd op zoek. De uitzender zegt in een periode van vijf weken tienduizend jongeren te hebben geholpen bij het vinden van tijdelijk werk voor korte of langere tijd. Een directeur bij de uitzendorganisatie merkte eveneens op dat jongeren net iets te kieskeurig zijn. Ze vergeten dat je voor een droombaan al even op weg moet zijn.

Het beeld van de schoolverlater die direct denkt te mogen zetelen in een managersstoel is een karikatuur die Huub Nelis – auteur van Motivatie binnenstebuiten – kwaad maakt. ‘Er is niets mis met de mentaliteit van jongeren.’ Zijn campagnebureau YoungWorks werd door een arbeidsmarktregio – mede verantwoordelijk voor de bestrijding van werkloosheid – gevraagd te onderzoeken waarom jongeren niet willen werken. ‘Niet willen?’, zegt Nelis nu. ‘Veel jongeren zitten duimendraaiend thuis. Ze lopen tegen de muur op van ellende en hebben geen idee wat te doen.’

Uitspraken over een verkeerde houding kan ook arbeidssocioloog Fabian Dekker ‘totaal niet plaatsen’. Geen onderzoeksresultaat strookt met dat idee. Dekker sprak voor zijn boek Bankzitten met tientallen werkloze jongeren. Zijn conclusie: de wil om te werken is onder de jeugd juist heel groot. Het deert jongeren nauwelijks of dat werk tijdelijk onder het eigen niveau is of net niet past in het ideale plaatje.

Dekker: ‘De sociale norm is dat je het als individu moet redden. Ook als werkloze twintiger moet en zal je nog eens je mouwen extra opstropen.’ Jongeren zijn vandaag de dag goed geïnformeerd en zien zichzelf zonder werk al gauw als buitenbeentje. ‘Werkloos op de bank zitten is een degradatie van jezelf. Een sociale angst.’

Spreken over een probleem van ‘de’ generatie bezorgt Dekker een onbehaaglijk gevoel. Als verwend of kritisch zou hij ze zeker niet willen omschrijven. ‘In feite verschilt deze jeugd nauwelijks van eerdere generaties.’ Sterker: jongeren zijn behoorlijk conservatief. Het merendeel wil op termijn nog steeds een stabiel gezin en vaste baan. Dat is belangrijker dan die droom, zegt Dekker.

Het grote verschil met eerdere generaties – die bijvoorbeeld in de jaren tachtig wel de straat opgingen om te demonstreren – is dat de huidige jonge werkzoekenden onbekend zijn met tegenslag. Volgens de socioloog hebben ze geen idee hoe ze zich moeten redden uit een uitzichtloze situatie. Die onbekendheid met tegenslagen maakt dat veel jongeren moeite hebben hun weg te vinden. ‘Jonge werklozen zijn opgegroeid op de pieken van de welvaart.’

In plaats van banen af te wijzen werkt een kwart van de jongeren inmiddels onder het eigen niveau. Om toch maar aan de slag te kunnen, blijven ze hangen in een bijbaan, zegt hoogleraar arbeidsmarkt Ton Wilthagen. Gevolg is dat zij lager opgeleide leeftijdsgenoten verdringen van de arbeidsmarkt.

Jezelf weten te onderscheiden van anderen is, zeker voor de lager opgeleide jongeren, daarom van nog grotere waarde in de zoektocht naar werk. Vaardigheden die met name mbo’ers nog onvoldoende krijgen aangeleerd, zegt Michiel Hietkamp van CNV Jongeren. ‘Het middelbare beroepsonderwijs is vaak gefocust op de overdracht van kennis. De aansluiting met de arbeidsmarkt is soms echt zoek.’

Ook de ambassadeur aanpak jeugdwerkloosheid herkent de verdringing op de arbeidsmarkt. Dat het een logisch gevolg is van de realiteitszin waartoe zij oproept noemt haar woordvoerster een feit. Leer jezelfdaaromverkopen,zegtze.‘Maak duidelijk dat je meer kunt dan je tijdens je studie hebt geleerd.’ Het zijn basisvaardigheden waarvan ze hoopt dat de uitzendbranche deze met gastcolleges wil bijbrengen.

Hietkamp van CNV Jongeren adviseert de mbo-jongeren vooral te kiezen voor werken met de handen. ‘Vakmanschap onderscheidt.’ Maar die zogenoemde bbl-route, waarin jongeren vier dagen werken en één dag in de schoolbanken zitten, verliest aan populariteit. Het aantal leerlingen daalde de afgelopen vijf jaar met maar liefst 30 procent.

Waardeer je mijn werk? Ondersteun me en maak zo nog meer mogelijk

Een deel van mijn werk als freelance journalist en schrijver is op eigen initiatief en zonder opdrachtgever. Wil je me daarin steunen, dan kan dat met een donatie.

Ook interessant

Scroll naar top